Vergeet je reservewiel niet!

Vergeet je reservewiel niet!

In 2015 repareerde de Wegenwacht van de ANWB bijna 40.000 banden met reparatiepluggen. Dit betekende een toename van 3.000 vanden ten opzichte van het jaar ervoor. De Wegenwacht moest deze methode vaker inzetten omdat er verhoudingsgewijs minder auto’s over een reservewiel of thuiskomer in de auto beschikten.

Autofabrikanten willen namelijk graag auto’s met een lichter gewicht op de markt brengen, en elke kilo scheelt er weer één. Daar komt bij dat het in het voordeel werkt van de eigenaar van de auto, want die hoeft door de mindere kilo’s namelijk minder wegenbelasting te betalen.

Na een reparatie van een band met plug krijgen automobilisten de instructie dat ze niet harder dan tachtig kilometer per uur moeten rijden. Daarnaast wordt hen aangeraden om de band zo spoedig mogelijk te vervangen voor een nieuwe.

Wat al jaren afneemt is het wisselen van een lekke band door een thuiskomertje of een reservewiel. Zo werden er in het jaar 2012 nog 75.000 banden gewisseld volgens de cijfers van de Wegenwacht, in 2015 was dat cijfer gedaald naar 68.000 banden. Tevens geven de cijfers aan dat bij 12.500 gevallen reparatie ter plaatse niet mogelijk is, terwijl er dan ook geen reserveband in de auto aanwezig is. In die gevallen zorgt de Wegenwacht, 24 uur per dag, voor een vervangende band, zodat de automobilist weer verder kan.

Volwaardig reservewiel

De Wegenwacht is geen voorstander van het reparatiesetje, iets wat in veel gevallen in auto’s aanwezig is. Afgezien van de kosten is reparatie lang niet altijd mogelijk. Daarnaast kan de effectiviteit van de werking de Wegenwacht ook niet altijd overtuigen. De Wegenwacht raadt dan ook iedere automobilist in Nederland aan om in een auto altijd een volwaardig reservewiel aan boord te hebben. Hoewel het enige ruimte in beslag neemt, zorgt het wel voor meer veiligheid en voor minder oponthoud.

Natuurlijk lijkt zo’n reparatieset ideaal. Maar als u de autoband op deze manier hebt gevuld, moet u hem daarna alsnog vervangen. Per saldo bent u voordeliger uit door een reserveband aan te schaffen. Een vulsel kost immers rond de veertig euro, terwijl je een autoband hebt voor een euro of vijftig. Met andere woorden: door een reserveband aan te schaffen voorkomt u dubbele kosten! Bovendien is het verwisselen van een wiel sowieso veiliger. Met een reparatieset kunt u alleen de kleine gaten vullen. Daarnaast zijn gaten en scheuren aan de zijkant van de band vrijwel onmogelijk te repareren met een reparatieset.

Bandencontrolesysteem

In sommige kleinere auto’s is geen ruimte voor een reservewiel. In die gevallen adviseert de Wegenwacht om een bandencontrolesysteem in de auto te hebben. Dit is echter alleen beschikbaar voor nieuwere auto’s. Een dergelijk systeem geeft met een lampje op het dashboard aan dat er een band lek is, mocht u dat zelf al niet hebben gemerkt tijdens het auto rijden. Afgelopen jaar is overigens de verplichting ingevoerd voor nieuwe auto’s vanaf bouwjaar 2015 om een bandenspanningscontrolesysteem te hebben. Dit zorgt ervoor dat de band wordt kapot gereden. Dan kan de band meestal nog met een plug gerepareerd worden. Een andere, kostbaardere oplossing zijn runflat-banden. Hiermee kunt u over een korte afstand met een lege band alsnog doorrijden.

25 jaar ervaring
Sitemap

Realisatie door Internetbureau Creative ICT